Orgelconcert 15 mei 2026 20u
Willem Ceuleers, 15 stukken voor orgel, opus 780 (2012-’14)
Walckerorgel in de Brabantse Olijfberg te Antwerpen
inkom €10 / studenten €5
De muziek van dit concert is door Willem Ceuleers gecomponeerd met in het achterhoofd het Walckerorgel in de Brabantse Olijfberg. Toen er een opname zou plaatsvinden (2015) kon dit niet doorgaan wegens de slechte staat waarin het instrument toen verkeerde. De CD met de muziek werd dan maar elders opgenomen (ook een prachtig instrument: het Ibach-orgel in Bergen op Zoom). Inmiddels is het Walcker orgel deels gerestaureerd, en weer bespeelbaar. Vandaar dit concert, een soort thuiskomst, de eigenlijke première. De komende jaren zal het orgel – als de kerk de fondsen kan vinden – helemaal op punt worden gesteld.
voorproefje1 : een track van de CD uit 2015
voorproefje 2: Willem Ceuleers stelt het WALCKER orgel voor.
Het concertprogramma
In 1901 publiceerde Max Reger ‘Zwölf Stücke‘ voor orgel opus 59 (1901). Qua opzet zijn ze geïnspireerd op het feit dat de naam van de componist R-E-G-E-R een palindroom is. De tweede helft is het spiegelbeeld van de eerste. RE – ER. De G is het scharnierpunt.
Geïnspireerd door deze werkwijze en als hommage aan Reger, zette Willem Ceuleers een muzikaal antwoord op: 15 stukken voor orgel. Elk van de delen vormt een afgerond geheel en kan zelfstandig gespeeld worden. De stukken vormen door hun ordening echter ook weer een geheel. Volgend schema laat zien welke verbanden aan de basis liggen van de grote vorm.

Het middelste stuk (8. Ricercare) vertegenwoordigt de middelste letter ‘G’ en vormt het scharnier tussen de delen 1-7 en 9-15. Door de streng-polyfone vorm staat deze ricercare apart van de andere stukken, terwijl ze ook in rechtstreeks verband met het begin- en einddeel. De combinatie Praeludium-Ricercare en Toccata-Ricercare is een verwijzing naar het ‘klassieke’ duo preludium-fuga. De toonaard si-mol-groot (B) van het Ricercare staat zo ver mogelijk af van mi-groot (E) van het Praeludium en de Toccata (tritonus), waardoor het tonale universum, waarbinnen de 15 stukken figureren, een maximale middelpuntvliedende kracht ondergaat.
De twee eerste stukken vormen, net als de twee laatste, een eenheid op zich: Praeludium-Passacaglia en Toccata-Ostinato, waarbij de eerste delen de inleiding en de tweede delen het antwoord vormen. Deze eenheid wordt verder versterkt door de identieke toonaardverhouding mi-groot / mi-klein. Beide groepen vertegenwoordigen de ‘R’ in Regers naam. Door de omgekeerde nummering van delen 9-13 zijn deze stukken in omgekeerde volgorde te horen in vergelijking met delen 3-7 (wederom kreeftgang). De delen 3-7 en 9-13 werden chromatisch opstijgend geordend, afwisselend in een grote en een kleine tertstoonaard. De delen vullen de ruimte op tussen mi en si-mol (E en B)

Samenvattend: De basis van de 15 stukken is de klassieke ABA-vorm, die door gebruikmaking van Reger’s naam: RE-G-ER gecombineerd wordt met de kreeftgang in de opvolging van de delen 9-15 versus 1-7.
Volgens Christoph Bossert is de ABA-vorm een die Reger erg genegen zou zijn geweest. Ze is in het microklimaat van zeven van de 15 stukken ook terug te vinden: Pastorale, Scherzo, Canzona, Trio, Canon, Capriccio en In Memoriam.
Klinkt ingewikkeld, maar de muziek kan ook genoten worden zonder deze kennis. Welkom dus op 15 mei a.s. om 20u in de Brabantse Olijfberg.
Orgelconcerten 2026
