Nederlandse vertaling van de toespraak die Albert Einstein op 3 oktober 1933 uitsprak in de Royal Albert Hall te Londen. De titel was Science and Civilisation (‘Wetenschap en beschaving’). De vetgedrukte passages zijn de fragmenten die enkele dagen later werden uitgezonden in een British Paramount Newsreel. Voor de historische achtergrond, klik hier (Engels). Ik heb ook een extra passage ingevoegd (schuingedrukt) uit een iets later verschenen publicatie met soortgelijke inhoud. In dat boekje geeft hij ook een mooie definitie van Europa:
Wanneer ik over Europa spreek, bedoel ik niet het geografische Europa, maar een bepaalde houding ten opzichte van het leven en de maatschappij, die in Europa is gegroeid en een kenmerk is geworden van onze beschaving. Ik bedoel de geest die in het oude Griekenland is geboren, en die meer dan duizend jaar later, ten tijde van de Renaissance, vanuit Italië is uitgewaaierd: de geest van persoonlijke vrijheid en respect voor het individu. (Einstein, in Europe’s Danger, Europe’s Hope, 1933, p. 1)
Toespraak
Ik ben verheugd dat u mij hier de gelegenheid hebt gegeven mijn diepe dankbaarheid tot uitdrukking te brengen: als mens, als goede Europeaan, en als Jood. Met uw goed georganiseerde hulpverlening[1] hebt u niet alleen onschuldig vervolgde academici geholpen, maar ook de menselijkheid en de wetenschap een grote dienst bewezen. U hebt laten zien dat u en het Britse volk trouw bent gebleven aan de tradities van verdraagzaamheid en rechtvaardigheid die u eeuwenlang zo hoog in het vaandel hebt gedragen.
Het kan vandaag niet mijn taak zijn om als een rechter te oordelen over het handelen van een natie, die mij jarenlang als een van hen heeft beschouwd; Ja, wellicht is oordelen in tijden waarin het op handelen aankomt, zelfs een ijdele bezigheid. De vragen die ons vandaag bezighouden zijn van een andere orde : hoe kunnen wij de mensheid redden, hoe kunnen we de geestelijke verworvenheden waarvan wij de erfgenaam zijn, veiligstellen? Hoe kunnen wij Europa voor een nieuwe ramp behoeden? Net als twintig jaar geleden (1913) dragen onze leidende staatslieden vandaag een enorme verantwoordelijkheid. Laten we hopen dat zij—door elkaar op tijd te vinden—erin slagen eenheid te creëren, en helderheid te scheppen in wat onze naties onderling aan elkaar verplicht zijn, zodat het voor elke staat duidelijk is dat een oorlogszuchtig avontuur al van te voren hopeloos is.
Maar het werk van staatslieden kan slechts slagen als het gedragen wordt door de ernstige en vastberaden wil van het volk. Wij zien ons geplaatst voor de politiek-technische vraag om de vrede veilig te stellen en te handhaven. Maar dat is niet genoeg. Er is hier ook een belangrijke taak weggelegd voor education and enligthenment (onderwijs en kennis die inzicht verschaft). Als we weerstand willen bieden tegen machten die de intellectuele en individuele vrijheid dreigen te onderdrukken, dan moet het voor ons glashelder zijn, wat er op het spel staat en wat we verschuldigd zijn aan de vrijheid die onze voorouders na een harde strijd voor ons hebben verworven. Zonder die vrijheid zouden er geen Shakespeare, geen Goethe, geen Newton, geen Faraday, geen Pasteur en geen Lister zijn geweest. [2] Er zouden geen comfortabele huizen zijn voor de massa van het volk, geen spoorwegen, geen radio, geen bescherming tegen epidemieën, geen goedkope boeken, geen cultuur en geen kunstgenot voor iedereen. Er zouden geen machines bestaan om de mensen te verlossen van de zware arbeid die nodig is voor de productie van de eerste levensbehoeften. Veruit de meeste mensen zouden een doodsaai slavenleven leiden, zoals onder de oude Aziatische despotieën. Sterker nog: zij zal erger zijn, omdat de moderne despoten, ook al beschikken zij niet over meer verstand dan hun voorgangers, wel de arm bezitten — en het is een lange en krachtige arm — van een machtig technisch apparaat voor de uitoefening van fysiek geweld, en omdat zij via school, radio en pers de gewone mensen op zo’n manier geestelijk en moreel beïnvloeden, dat die er nauwelijks nog weerstand aan kunnen bieden. Enkel mensen die vrij zijn, kunnen creatief zijn, uitvindingen doen, en dat intellectuele werk verrichten dat voor ons moderne mensen het leven de moeite waard maakt (“It is only men who are free, who create the inventions and intellectual works which to us moderns make life worth while.” )
lees verder onder de foto

Moeten we ons zorgen gaan maken omdat we in een gevaarlijke tijd leven, en ontbering dreigt? Ik denk van niet. De mens is, net als elk ander dier, van nature geneigd tot gemakzucht. Wordt hij door niets aangespoord, dan denkt hij nauwelijks na en begint zicht te gedragen als een automaat. Ik ben niet meer jong, en kan daarom nu wel zeggen, dat ik ook zo’n fase heb meegemaakt: als kind, als jongeman. Je bent enkel bezig met de trivialiteiten van je persoonlijk leven, spreekt zoals je leeftijdgenoten, en past je gedrag helemaal aan. Het is moeilijk om te zien wat er echt schuilgaat achter zo’n conventioneel masker. De ware persoonlijkheid is door de sociale code en de taal, als het ware, in watten verpakt.
Hoe anders is dat vandaag! In de bliksemschichten van onze stormachtige tijd verschijnen de mensen en de dingen in hun naaktheid. Iedere daad, ieder mens, toont nu openlijk wat de bedoeling. Laat z’n kracht zien, en zijn zwakheid, maar ook zijn passies. Routine schiet tekort, werkt niet meer, onder de snelle wisseling van omstandigheden; conventies vallen af als dorre hulzen. In hun nood beginnen mensen na te denken over het falen van de bestaande economische praktijken, en over de noodzaak van politieke verbanden die het nationale overstijgen. Alleen door gevaren en omwentelingen kunnen naties tot verdere ontwikkeling worden gebracht. Mogen de huidige omwentelingen (upheavels… oud- nederlands: beroeringen, beroerten) tot een betere wereld leiden.
Tenslotte: naast de evaluatie van de tijd waarin wij leven, rust er op ons nog een andere, veel verder reikende plicht: wij moeten zorgen dat datgene wat onder onze bezittingen het meest blijvende en het hoogste is — dat wat het leven betekenis geeft — dat wij dat zuiverder en rijker aan onze kinderen doorgeven dan wij het zelf van onze voorouders hebben ontvangen. Aan deze doeleinden hebt u met uw weldadige inzet op liefdevolle wijze bijgedragen.
Dick Wursten, 17 januari 2025
BRONNEN:
- De Engelse tekst is gepubliceerd: hier een scan van het origineel.
- Hier een transcriptie van de tekst.
- Dezelfde gedachtengangen, maar iets bezonnener, analytischer werd een publicatie Europe’s Danger, Europe’s Hope .
P.S. Het half jaar voordien was Einstein in België. Brieven die hij in die periode stuurde (o.a. ontslagbrief van de Pruisische Academie en verzoek z’n Duitse nationaliteit op te heffen) vindt u hier
[1] Refugee Assistance Fund, waarin samenwerkten: the Academic Assistance Council¸the International Student Service, the Society of Friends (Duitse afdeling), the Refugee Proessionals Committee.
[2] Shakespeare en Goethe, de literaire trots van resp. Engeland en Duitsland. De genoemde wetenschappers: natuurwetenschappelijk blik (Newton), electriciteit (Faraday), moderne geneeskunde: bacteriën als ziektedragers (Pasteur), antiseptische chirurgie (Lister).

De Royal Albert Hall, foto DW, 2025